CZE berichten van 22 januari 2026

Geplaatst op 21-01-2026 in Nieuws

 


Beste gemeenteleden,

De vorige keer schreef ik over een afslag nemen. Zijn we in staat om de stilte te zoeken en zo Gods stem te verstaan? Zijn we bereid om eens van de gebaande paden af te gaan? De afgelopen dagen werd ik bepaald bij de woorden “Volg Mij.” Jezus sprak ze uit bij de roeping van zijn discipelen. Op school mocht ik erover vertellen aan de kinderen en afgelopen zondag ging het erbij de kinderen toevallig ook over in hun eigen dienst.  Ach, is het dan toeval of niet? Tijdens het kindermoment heb ik dit kracht bij gezet door een aantal kinderen te roepen en mij te volgen, samen met twee gemeenteleden. Ze wisten niet wat we gingen doen, maar ze volgden wel. In de morgendienst zijn drie broeders bevestigd als ouderling en namen er ook twee afscheid als ouderling. Zij weten bij aanvang van hun taak nog niet wat ze te wachten staat de komende jaren, maar wel hebben ze Zijn stem verstaan en gaan het ambt in. Zij volgen de roepstem en daarmee een nieuwe afslag in hun leven. Met de kinderen hebben we vervolgens een heel mooi moment samen gehad. Hoe kunnen wij Jezus volgen. Antwoorden van de tieners (groep 6-8): uit de bijbel lezen, bidden, naar club gaan, omzien naar je klasgenoten. Mooi om zo al met deze groep bezig te zijn!

Dit alles bepaalt me ook bij de afgelopen week. Ik was bij een TFT vergadering van de familie Selles, waar Susan verbonden was via de digitale media. En de woorden 'Volg Mij' kwamen weer in mij op. Wanneer je de veldwerkers persoonlijk spreekt, krijg je een ander beeld dan wanneer je de nieuwsbrieven leest. Je creëert een eigen beeld van hun situatie. Maar als er persoonlijk contact is, merk je de moeiten die ze meemaken, de zorgen die ze hebben, de dilemma’s waar ze voor staan. Dit alles ondersteund door beeld en geluid natuurlijk. Door alle moeiten en zorgen heen klinkt steeds de roep: Volg Mij! En dan zit je op in Azië, in Costa Rica, in Noorwegen, of tijdelijk in Sri Lanka. Landen die niet in de buurt van Nederland liggen. Soms is het niet makkelijk en dan is Nederland ver weg. Het trof me dat ze elkaar bevroegen of ze de vreugde van de Heer nog steeds hebben tijdens een semester. Je bent aan het werk en dan volgt er een dip na enige tijd. Hoe mooi is het dan om dit met elkaar te kunnen delen en elkaar te kunnen bemoedigen! Ik besef me dat ik de zorgen hier en daar uitvergroot. Er waren ook hele mooie momenten die met elkaar gedeeld werden. Verhoorde gebeden, onverwachte momenten die door de Heer geleid werden. Prachtig om ook die verhalen te horen, dat geeft een bemoediging voor ons die hier zijn en hen steunen! En het allermooiste is dan ook de schittering in hun ogen als er een kostbaar mooi moment geweest is van het delen van het Evangelie, geleid door onze Heer en Heiland. Daarvoor heb je de roepstem gevolgd, om te delen en om te dienen,
Bij beide momenten ging ik met een vol hoofd weg. Vol van hetgeen er gezegd en verteld is, maar ook vol respect en dankbaarheid dat zij deze stap in geloof hebben gezet, dat zij allemaal onze Heer willen dienen in een ander land. 

Daarom roep ik u op om blijvend te bidden voor onze veldwerkers. Te bidden voor openingen en mogelijkheden om over Jezus te vertellen, te bidden voor een trouwe achterban die dit (financieel) mogelijk maakt, te bidden voor veiligheid in elke situatie. En wanneer er weer eens een bijeenkomst is waarbij veldwerkers komen vertellen over hun werk, komt u alstublieft eens luisteren naar hun verhalen vanuit het zendingsveld! Dat raakt zoveel meer wanneer je het leest. Ik sluit af met een oud lied van John Newton. Want door alles heen wat er door veldwerkers wordt gezegd, verteld en gedeeld blijft één ding overeind. Het is niet hun verdienste, maar enkel door de genade en bewarende hand van God kunnen zij dit werk doen.

Genade, zo oneindig groot 
dat ik, die ’t niet verdien
het leven vond, want ik was dood
en blind, maar nu kan ‘k zien

Want Jezus droeg mijn zondelast
en tranen aan het kruis.
Hij houdt mij door genade vast
en brengt mij veilig thuis.

Als ik daar in zijn heerlijkheid
mag stralen als de zon
dan prijs ik Hem in eeuwigheid
dat ik genade vond


Groet,
Derk Gelling